Wat is passend onderwijs?
Op school zijn er veel kinderen die de lessen goed kunnen volgen. Maar niet elk kind is hetzelfde. Soms heeft een kind extra hulp nodig of moet hij of zij meer oefenen. Of een kind heeft misschien andere uitleg of lesmateriaal nodig. Soms kan de school niet genoeg helpen en is het beter als het kind naar een andere school gaat. Dat kan een andere gewone school zijn of een school voor speciaal basisonderwijs of speciaal onderwijs. Elk kind dat extra hulp nodig heeft, moet onderwijs krijgen dat past bij hem of haar, zo dicht mogelijk bij huis. Scholen moeten daarom zorgen dat elk kind dat op hun school zit of zich bij hun school aanmeldt, de juiste onderwijsplek krijgt. Dit wordt geregeld met de "zorgplicht voor passend onderwijs". In het Schoolondersteuningsprofiel leest u welke extra ondersteuning wij bieden, en wat de grenzen van onze school zijn.
Wat is een samenwerkingsverband?
Scholen werken samen om te zorgen dat kinderen passend onderwijs krijgen. Dat heet een
samenwerkingsverband. In Westland, Hoek van Holland en Maasland is er een samenwerkingsverband
voor basisscholen, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs. Dat heet Samenwerkingsverband
Primair Onderwijs Westland’ (SPOW). U kunt meer informatie vinden op www.spow.nl.
Zorgplicht
Elk kind moet goed onderwijs krijgen, dat bij het kind past. Als een kind extra hulp nodig heeft, moet de school daarvoor zorgen. Dit heet zorgplicht. Als uw kind 3 jaar is, kunt u hem of haar aanmelden op een basisschool. Dit doet u schriftelijk. De school waar u uw kind heeft aangemeld, moet kijken of zij passend onderwijs aan uw kind kunnen geven. Dit geldt ook als uw kind al op school zit. Als dit niet lukt, moet de school (het schoolbestuur) een andere passende plek zoeken voor uw kind. Ouders spelen hierbij een belangrijke rol, zij kennen het kind het beste.
Ouder- en jeugdsteunpunt
Het is belangrijk dat ouders, verzorgers en leerlingen goede informatie hebben over het onderwijs in hun omgeving en weten waar ze terecht kunnen met vragen. Meestal is dit bij de school zelf. Daarnaast kan het ouder- en jeugdsteunpunt van SPOW hierbij helpen. Op de pagina 'Voor ouders/verzorgers - SPOW' staan vragen en antwoorden over passend onderwijs. Er zijn ook uitlegvideo's en handige links naar andere organisaties te vinden voor meer informatie en hulp.
Vanaf vier jaar oud mag uw kind naar de basisschool. U kunt uw kind aanmelden bij onze school vanaf de dag dat uw kind drie jaar is geworden. Uw kind moet minimaal 10 weken voor de gewenste inschrijfdatum schriftelijk zijn aangemeld.
Eerst kennismaken
Om kennis te maken met de Jozefschool maken wij graag een afspraak voor een rondleiding, waar we u uitleggen hoe we ons onderwijs vormgeven en kunt u de vragen stellen die u heeft. Wij plannen dit bij voorkeur in rond 9.15 uur, zodat u de school in bedrijf kunt zien. U krijgt dan een goede indruk van de school. Voor een afspraak belt u met 0174-382763 of u stuurt een bericht naar directie@jozefschoolhvh.nl
Aanmelden
Als u ervoor kiest uw kind aan te melden bij onze school, krijgt u van ons een inschrijfformulier, waar u vragen beantwoordt over uw kind. Bijvoorbeeld wanneer uw kind jarig is, waar uw kind woont, maar ook of uw kind bepaalde extra ondersteuning nodig heeft. Dit noemen we de informatieplicht van ouders.
Wanneer wij van u de schriftelijke aanmelding hebben ontvangen, gaan wij hiermee aan de slag. We nemen als school 6 weken de tijd om te beslissen of uw kind door ons wordt ingeschreven. We gebruiken deze tijd om te bepalen of onze school de passende plek is voor uw kind. In ons schoolondersteuningsprofiel (SOP) kunt u lezen welke extra ondersteuning wij kunnen bieden aan uw kind. U kunt het SOP vinden op deze website bij “Samenwerkingsverband SPOW”.
Heel soms kan het gebeuren dat 6 weken niet lang genoeg is om hierover een besluit te nemen. We nemen dan nog maximaal 4 weken extra de tijd. Als we meer tijd nodig hebben, brengen we u daar schriftelijk van op de hoogte. Maar we proberen om altijd binnen 6 weken te laten weten of we uw kind kunnen inschrijven.
De basisondersteuning van alle RVKO-scholen bestaat uit een geheel van preventieve en licht curatieve interventies die uitgevoerd worden binnen de ondersteuningsstructuur van elke school. Vanuit ons Strategisch Verhaal zorgen we voor een stevige basis van kennis en vaardigheden binnen een lerende organisatie die staat voor kwaliteit en professionaliteit. De basisondersteuning wordt uitgevoerd onder regie en verantwoordelijkheid van de schooldirectie en het schoolbestuur, met eventuele inzet van expertise van de stafafdelingen van de RVKO, andere scholen en netwerkpartners. De volledige invulling van de basisondersteuning is hier terug te lezen.
De verantwoordelijkheden voor de schoolbesturen en het samenwerkingsverband ten aanzien van de basisondersteuning liggen in elkaars verlengde. Het samenwerkingsverband heeft de wettelijke taak om met de schoolbesturen afspraken te maken over de inhoud en kwaliteit van de basisondersteuning in de SPOWregio. Deze afspraken zijn opgenomen in het ondersteuningsplan (OSP), zodat dezelfde basisondersteuning binnen alle SPOW-scholen aan alle leerlingen geboden wordt. Ondersteuningsplan SPOW.
Om de ontwikkeling van de leerlingen te volgen en de kwaliteit van het geboden onderwijs te waarborgen maken wij gebruik van het leerlingvolgsysteem ParnasSys. Hierin registreren wij de methodetoetsen en nietmethode gebonden toetsen (Cito). In groep 1 en 2 worden de ontwikkelingen geregistreerd binnen de methode KIJK. Voor de sociaal emotionele ontwikkeling gebruiken we signaleringslijsten van SCOL. Deze middelen worden ook gebruikt om de ouders te informeren omtrent de voortgang in die ontwikkeling. Naar aanleiding van de resultaten van toetsen en signaleringslijsten wordt het onderwijsaanbod en de onderwijsbehoefte bepaald. Deze gegevens worden eveneens gebruikt bij de samenstelling van de rapporten. De resultaten worden regelmatig besproken tussen de intern begeleider en de groepsleerkrachten.
De inspectie omschrijft dat leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften zich moeten ontwikkelen naar hun mogelijkheden. Wanneer, tijdens de schoolloopbaan, blijkt dat de leerling extra ondersteuning nodig heeft die buiten de basisondersteuning van de school valt, zal er een ontwikkelingsperspectief (OPP) opgesteld worden. Hierin wordt, naar aanleiding van de resultaten in het leerlingvolgsysteem, het uitstroomprofiel van de leerling bepaald. In dit document worden de onderwijsbehoeften, de daarbij behorende aanpak, de doelen en lesstofplanning omschreven. Door dit regelmatig te evalueren, zal de doorgaande ontwikkeling gewaarborgd blijven. Ter ondersteuning van de begeleiding van specifieke onderwijsbehoeften en gedragsproblemen kunnen wij gebruik maken van de kennis en ervaring van o.a. de intern begeleiders, onze collega’s die zijn opgeleid tot gedragsspecialist en de schoolbegeleider vanuit het samenwerkingsverband.
Het bevoegd gezag stelt alle leerlingen in de gelegenheid om op een door hen te bepalen wijze hun mening naar voren te brengen over het ondersteuningsaanbod van de school. Kinderen worden actief betrokken bij en kunnen meepraten over de ondersteuning die ze krijgen, op een manier die past bij hun leeftijd.
Hoorrecht over het OPP
Hoorrecht over het OPP is wettelijk verplicht vanaf 1 augustus 2025, voor alle leerlingen. OPP’s die zijn opgesteld voor die datum hoeven niet opnieuw opgesteld te worden. Hoorrecht moet bij deze OPP’s wel worden toegepast als deze worden bijgesteld en geëvalueerd. Het hoorrecht geeft het kind de kans om mee te praten en te zeggen wat hij/zij ervan vindt. Dat is belangrijk, want het kind weet wat het nodig heeft. Het kind kan laten weten wat hij/zij prettig vindt, maar ook wat het echt niet wilt. De mening van het kind telt daarom mee:
- bij het maken van het plan.
- bij het bespreken hoe het plan gegaan is.
- bij beslissingen over hoe we verder gaan.
De wet schrijft voor dat de school zorg moet dragen voor een ononderbroken ontwikkelingslijn voor de leerlingen. Toch kan het in voorkomende situaties beter zijn een leerling te laten doubleren. Hiertoe zal echter slechts in uiterste noodzaak en na uitvoerig overleg met de ouders worden besloten. Ook kan het voorkomen dat een leerling versneld doorstroomt naar een hogere groep. Ook dit gebeurt slechts na uitvoerig overleg.
Op de Jozefschool werken we met twee intern begeleiders volgens de handelingsgerichte uitgangspunten. De intern begeleiders dragen zorg voor het bewaken van de zorgstructuur in brede zin van het woord. Dit houdt in dat zij de leerkrachten begeleiden in hun ondersteuningsbehoeften en professionalisering. Tevens houden zij overzicht over de leerlingenzorg. Wat inhoudt dat zij de ontwikkeling en zorg rond de leerlingen in de gaten houden. De intern begeleiders monitoren samen met de directie en het team de opbrengsten. Tijdens monitorvergaderingen worden resultaten van de Cito LVS op eenduidige wijze geanalyseerd en besproken met elkaar. De intern begeleiders coachen leerkrachten in het analyseren van de data en het plannen van een passend onderwijsaanbod.
Binnen ons team zijn twee collega’s opgeleid tot didactische coach. Zij voeren klassenconsultaties uit en coachen de individuele leerkracht in de didactische vaardigheden. Deze manier van coachen draagt bij aan de professionalisering van het gehele team. Daarnaast is een andere collega opgeleid tot momentcoach. De momentcoach begeleidt de leerkrachten in het werken met de coöperatieve leerstrategieën op didactisch en sociaal emotioneel vlak. Deze manier van coachen zorgt voor directe feedback op de aangeboden coöperatieve structuur.
Ook tijdens het schooljaar 2025-2026 is juf Netty in de gelegenheid om remedial teaching te verzorgen. Dit houdt in dat er ruimte is om kinderen individueel of in een klein groepje buiten de klas te begeleiden. Indien uw kind in aanmerking komt voor deze begeleiding, zal de groepsleerkracht dit vooraf met u overleggen.
Wij werken met het Digitaal handelingsprotocol begaafdheid (DHH). Dit is een online toolkit met instrumenten die ons, op een handelingsgerichte wijze, helpt om begaafde leerlingen in groep 1 tot en met 8 te herkennen en goed te begeleiden. DHH gaat uit van een educatief partnerschap tussen ouders en school. Daarom worden ouders betrokken bij het proces van signaleren en diagnostiek. Daarnaast is DHH gericht op de inbreng van de leerling zelf. Door in gesprek te gaan met de leerlingen vergroten we de kans op een succesvolle begeleiding.
In overleg met de MR is een gedragscode t.a.v. kleding in de school opgesteld. Een dergelijke code is noodzakelijk gebleken n.a.v. diverse voorvallen en meningsverschillen op scholen verspreid in het land.
Zoals we in onze visie op onderwijs aangeven, vinden we het heel belangrijk om op school een pedagogisch klimaat te scheppen waarin kinderen zich veilig en geaccepteerd voelen en waarin teamleden, ouders en kinderen respectvol met elkaar omgaan. Dit willen we onder meer bereiken door duidelijke regels en afspraken en een transparant beleid ten aanzien van ongewenst gedrag. Het gedragsprotocol is van toepassing op alle personen die de school en het schoolterrein betreden. Wat we verwachten van alle betrokkenen staat omschreven in het gedragsprotocol als onderdeel van het schoolplan. In dit protocol omschrijven we eveneens wat we verstaan onder ongewenst gedrag en de aanpak hiervan. De gedragscode met het gedragsprotocol is te vinden in het schoolplan. Dit schoolplan staat op de website en is ter inzage beschikbaar bij de directie.
Pesten is een veel voorkomend probleem. Het is een probleem dat wij onder ogen willen zien en op onze school serieus aanpakken. Ons doel is dat alle kinderen zich in hun basisschoolperiode veilig moeten voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen. Door regels en afspraken zichtbaar te maken, kunnen kinderen en volwassenen, als er zich ongewenste situaties voordoen, elkaar aanspreken op deze regels en afspraken. Door elkaar te steunen en wederzijds respect te tonen, stellen we alle kinderen in de gelegenheid om met veel plezier naar school te gaan.
Het bevorderen en onderhouden van een goed pedagogisch klimaat is wat ons betreft een vereiste om preventief te kunnen werken. De uitgangspunten voor de omgang met elkaar vindt u terug in het gedragsprotocol. Ter bevordering van een prettig en veilig klimaat zetten we onder andere coöperatieve leerstrategieën in en maken we gebruik van de methode Kwink.
In het anti-pestprotocol hebben wij een plan van aanpak omschreven dat de nadruk legt op het voorkomen van pesten en de omgang met pestgedrag bij ons op school. In dit plan is het noodzakelijk dat alle betrokkenen hun verantwoordelijkheid nemen, het schoolteam, de ouders, de gepeste(n), de pester(s) en de meelopers. Onderstaande preventieve activiteiten vindt u terug in het protocol. Tevens omschrijft dit protocol een plan van aanpak bij signalering van pestgedrag.
- Aan het begin van het schooljaar wordt extra ingezet op de ontwikkeling van een goede groepssfeer en worden er duidelijke afspraken gemaakt.
- Er wordt 2x per jaar een sociale competentie observatielijst (SCOL) ingevuld. Deze gegevens worden geanalyseerd door de groepsleerkracht. Bij opvallende resultaten wordt er een plan van aanpak opgesteld.
- Tijdens de groeps- en leerlingbesprekingen wordt met de intern begeleider de groepsdynamiek en het (groeps)gedrag besproken en indien gewenst een plan van aanpak opgesteld.
- Er worden om de week lessen gegeven uit de methode “Kwink”. Hierbij wordt door de leerkracht goed gelet op reacties van de kinderen. Sociale thema’s komen eveneens aan bod bij de methodes “Nieuwsbegrip” en “Hemel en aarde”.
- We maken gebruik van coöperatieve leerstrategieën om te leren op een goede manier samen te werken en de onderlinge sociale relaties te bevorderen.
- Bij onenigheid tussen leerlingen gaan we altijd in gesprek met beide partijen. Kinderen leren op die manier hun gevoelens en gedachten onder woorden te brengen en respect te krijgen voor andermans mening en gevoelens.
- Om overzicht en rust te creëren tijdens de pauzes zijn de groepen verdeeld en is er voldoende toezicht op het schoolplein.
- Coördinator veiligheidsbeleid en anti-pestbeleid: Juf Tamara
- Aanspreekpunt pesten: Juf Tamara
- Monitor sociale veiligheid: SCOL leerling en leerkracht
- Aandachtsfunctionaris huiselijk geweld en kindermishandeling: Juf Judy
Het sociaal veiligheidsplan is op te vragen bij de directie.
De school is in het bezit van een rouwprotocol. Dit protocol geeft team, ouders en leerlingen in voorkomend geval informatie over hoe gehandeld kan worden. Dit protocol is dus niet alleen voor het team, maar kan eventueel ook door ouders worden geraadpleegd en bevat een groot aantal verhalen en gedichten die gebruikt kunnen worden. Voor meer informatie kunt u altijd contact opnemen met school.
De RVKO heeft voor haar scholen een protocol medicijngebruik opgesteld waar het personeel zich aan heeft te houden. Dit protocol ligt ter inzage op school. In hoofdlijnen komt het protocol neer op de volgende uitgangspunten.
- Voor een kind dat ziek wordt op school, wordt contact opgenomen met de ouders/ verzorgers om af te stemmen wie het kind ophaalt.
- Zonder overleg met de ouders of een arts worden geen medicijnen verstrekt. Indien de school op verzoek van de ouders medicijnen verstrekt, gebeurt dit alleen na schriftelijke toestemming van de ouders. Hiervoor is een standaardformulier beschikbaar op school.
- Het is voor het personeel van de RVKO niet toegestaan om medische handelingen te verrichten.
Het kan zijn dat het net niet lekker gaat met een kind op school of in de thuissituatie. Zo kan het zijn dat de schoolprestaties onverwachts dalen, ouders gaan scheiden, of dat uw kind angst heeft voor toetsen. Er kunnen tal van redenen zijn waarom een kind dit gedrag laat zien. Heel vaak gaat dit gedrag gewoon weer over, maar soms zijn er twijfels bij ouders of de school of het gedrag van het kind de ontwikkeling kan belemmeren in de toekomst. In dit geval kan de School Maatschappelijk Werker (SMW) om advies worden gevraagd. De School Maatschappelijk Werker werkt altijd samen met ouders en de school en als dat mogelijk is ook met het kind. Soms is een adviesgesprek voldoende, of volgt er korte begeleiding, maar de SMW-er kan ook de schakel zijn naar andere opgroei- en opvoedondersteuning. De school kan na overleg met de ouders School Maatschappelijk Werk inschakelen, maar ouders kunnen ook zelf advies vragen, dat kan via de intern begeleider of rechtstreeks bij onze SMW-er op school: Nika van Gastel-Zoetewei. Op school is een flyer met aanvullende informatie over SMW aanwezig. De gesprekken met de School Maatschappelijk Werker zijn vertrouwelijk en gratis. In afstemming met ouders geeft de School Maatschappelijk Werker na het gesprek relevante informatie voor de school door aan de interne begeleider.
Het wijkteam biedt hulp en ondersteuning aan alle inwoners van Hoek van Holland van 0 tot 100. In het wijkteam zitten verschillende hulpverleners, ook jeugd- en gezinscoaches. Zij pakken de meer ingewikkelde vragen van ouders en kinderen op. Zij werken samen met de scholen en nemen soms ook deel aan het SOT (SchoolOndersteuningsTeam). De jeugd- en gezinscoaches van het wijkteam kunnen snel aan de slag en werken samen met het gezin aan oplossingen.
De jeugd en gezinscoaches in het wijkteam:
- geven advies over passende ondersteuning en hulpverlening aan gezinnen.
- geven zelf kortdurende hulp, zorg en ondersteuning in gezinnen.
- verwijzen door naar specialistische hulp, als dat nodig is.
De jeugd- en gezinscoaches hebben samen veel kennis van en ervaring met opgroei- en opvoedingsondersteuning, gezinscoaching, intensieve jeugdhulp, psychiatrie en verstandelijke beperking. Aanmelden bij het wijkteam kan via de gezinsspecialist van school, huisarts, CJG of VraagWijzer.
De jeugdverpleegkundige en jeugdarts van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) zien alle kinderen, op school of op het CJG. Bijvoorbeeld tijdens een gesprek in groep 2 of als uw kind een prik krijgt. Daarnaast heeft het CJG een rol bij schoolziekteverzuim, in het schoolzorgteam en is aan de school van uw kind een jeugdverpleegkundige verbonden.
Uitnodiging groep 2: meten, wegen en meer
Wanneer uw kind in groep 2 zit, ontvangt u een uitnodiging om samen langs te komen voor een afspraak op het CJG of op school. Bij de uitnodiging zitten twee vragenlijsten. Tijdens de afspraak onderzoeken we de ogen, oren en motoriek van uw kind. Ook wordt uw kind, in ondergoed, gemeten en gewogen. Aansluitend is er ruimte om met de jeugdarts in gesprek te gaan. We gebruiken hiervoor de antwoorden van de ingevulde vragenlijsten. Heeft u vragen over de opvoeding, thuis- of schoolsituatie of gezondheid van uw kind, dan kunt u ze stellen.
Uitnodiging groep 7: meten, wegen en meer
Wanneer uw kind in groep 7 zit, krijgt u een brief waarin we u de mogelijkheid geven een afspraak met ons te maken. U kunt zelf kiezen of u dit wilt. Redenen kunnen zijn:
• U maakt zich zorgen, bijvoorbeeld omdat uw kind niet goed slaapt
• U heeft vragen, bijvoorbeeld over voorbereiden op het voortgezet onderwijs
• U heeft het idee dat uw kind niet lekker in zijn of haar vel zit
• Uw kind is te zwaar, of juist te licht, en daarover wilt u advies
Soms sturen wij gelijk een uitnodiging voor een afspraak met de jeugdverpleegkundige. Bijvoorbeeld omdat wij ons zorgen maken, graag iets met u en uw kind willen bespreken of omdat u eerder zelf heeft aangegeven een afspraak te willen.
Schoolziekteverzuim
Samen met de school van uw kind, wil het CJG meer aandacht geven aan kinderen die door ziekte niet naar school kunnen komen. Lang of veel ziek zijn kan gevolgen hebben voor de schoolprestaties en daardoor ook voor het welzijn en de gezondheid van uw kind. Uw kind wordt dan, met medeweten van u, door de school aangemeld bij de jeugdarts of jeugdverpleegkundige van het CJG.
Zorgteam op school
Het zorgteam bestaat uit verschillende deskundigen die met elkaar overleggen en verbonden zijn aan de school. Afhankelijk van de vraag kan school de jeugdverpleegkundige van het CJG uitnodigen om deel te nemen aan het zorgteam. Hier wordt u altijd van op de hoogte gebracht.
Contact met het CJG
Heeft u een vraag, bijvoorbeeld over voeding, beweging, slapen, luisteren of (faal)angst? De jeugdverpleegkundige luistert naar u en denkt graag met u mee! De manieren waarop je ons kunt bereiken vindt u op https://cjgrijnmond.nl/contact.
Het kan voorkomen dat u met uw kind in aanraking komt met bijvoorbeeld een logopedist, fysiotherapeut of kindercoach. Indien dit het geval is, zal u gevraagd worden of de informatie mag worden uitgewisseld met de school. Zij kunnen in gesprek gaan met school om hun bevindingen te bespreken, zodat de school beter aan kan sluiten bij de ontwikkeling en onderwijsbehoeften van uw kind.
De wet Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling verplicht beroepskrachten, ook onderwijspersoneel, om een vijfstappenplan te gebruiken als ze het vermoeden hebben van kindermishandeling en/ of huiselijk geweld. De meldcode draagt eraan bij dat bij signalen op dit gebied zo snel en adequaat mogelijk hulp kan worden geboden.
Soms ondervinden leerlingen problemen bij het opgroeien. Op onze school is, naast de intern begeleider, een gezinsspecialist beschikbaar om leerlingen en hun ouders/verzorgers te ondersteunen. Soms zijn de problemen dusdanig dat hulp van buiten de school nodig is. Om te voorkomen dat verschillende instanties langs elkaar heen werken rond dezelfde leerling werken wij met SISA. SISA is de afkorting voor: Samenwerkings Instrument Sluitende Aanpak (maar ook voor SIgnaleren en SAmenwerken). Het is een computersysteem met als doel ervoor te zorgen dat instanties die betrokken zijn bij een kind eerder met elkaar gaan samenwerken. Zij kunnen sneller contact met elkaar opnemen en zo samen met ouders/ verzorgers en eventueel het kind bespreken wie welke begeleiding biedt en hoe die begeleiding op elkaar afgestemd kan worden. Voor u als ouders/ verzorgers verandert er helemaal niets. U blijft gewoon contact houden met de instanties waar u bekend bent. Samen met de ouders/ verzorgers, leerling en de andere betrokken instanties willen wij komen tot een zo goed mogelijke begeleiding. SISA helpt u, ons en de andere instanties om de betrokkenheid rondom een leerling inzichtelijk te maken en snel met elkaar in contact te kunnen komen. Belangrijk om te weten is dat in SISA alleen komt te staan dat de leerling onderwijs op onze school volgt. Er staat geen inhoudelijke informatie over de leerling of zijn ouders/ verzorgers in. SISA is geen openbaar systeem en is alleen ter inzage voor de organisaties die aangesloten zijn op SISA én hun betrokkenheid op de leerling in SISA kenbaar hebben gemaakt. SISA is goed beveiligd. Dit moet volgens de Wet bescherming persoonsgegevens. Meer informatie over SISA is te vinden op: www.sisa.rotterdam.nl