Om als leerling tot een basisschool te worden toegelaten moet een kind de leeftijd van vier jaar hebben bereikt. In de periode vanaf de leeftijd drie jaar en tien maanden tot het bereiken van de leeftijd van vier jaar wordt het uitgenodigd om te komen wennen. Deze kinderen zijn geen leerlingen in de zin van de wet. Leerlingen van groep 8 bij wie in voldoende mate een grondslag is gelegd voor het volgen van aansluitend voortgezet onderwijs verlaten aan het eind van het schooljaar de school. Een en ander in overeenstemming met de ouders. Leerlingen verlaten in ieder geval de school aan het eind van het schooljaar waarin zij de leeftijd van 14 jaar bereikt hebben.
De beslissing over toelating en verwijdering berust bij het bestuur van de school. Schorsing van een leerling is niet op de wet gebaseerd, maar een in de praktijk gegroeid fenomeen. Schorsing is aan de orde bij ernstig wangedrag en deze maatregel geeft het bestuur de gelegenheid tot het zoeken naar een oplossing. Onder ernstig wangedrag wordt verstaan mishandeling, diefstal of negeren van een schoolregel. De leerling verstoort dus de orde en rust op school. Verwijdering van een leerling is een maatregel bij zodanig ernstig wangedrag dat het bestuur concludeert dat de relatie tussen school en leerling (ouders) onherstelbaar verstoord is. Verwijdering kan ook plaatsvinden vanwege wangedrag van ouders van leerlingen. Zowel voor schorsing als verwijdering ligt een uitgebreide beschrijving van de procedure ter inzage op school.